Voormalige Bagijnhof


Al in het jaar des Heren 1302 wordt in rentebrieven melding gemaakt van Beginnen.
Op de binnenhoek van de Johan de Wittstraat en de Bagijnhof, waar nu C&A staat, lag in de middeleeuwen de afgezonderde woonplaats van de Begijnen. Bagijnen waren alleengaande vrouwen die een Godvruchtig leven wilden leiden maar toch vrijer wilden zijn dan nonnen in een klooster. Zij woonden daartoe bijeen in woninkjes rondom een hof, zoals nu bijvoorbeeld nog op soortgelijke wijze gebeurt in het Regentenhof, schuin tegenover. In of bij die hof stond ook vaak een kerk of kapel.
De zusters legden geen eeuwige geloften af van celibaat, gehoorzaamheid en armoede. Zij hielden de beschikking over hun goederen en voorzagen in eigen levensbehoeften door arbeid of kapitaal.

Ofschoon de Begijnen lange tijd enige aanzien genoten in het Heilige Roomse Rijk kwam daar toch de klad in. In 1311 verbood Paus Clemens V het voortbestaan der Bagijnen. Paus Johannes XXII maakte in 1318 echter een uitzondering voor rechtgelovige en georganiseerde begijnen in de Nederlanden, waaronder dus ook Dordrecht.
Hier hebben zij het nog volgehouden tot de omwenteling in 1572.

In 1625 is op de plaats van de Bagijnhofkerk het Oude Vrouwenhuis gebouwd.


Deze en andere (verdwenen) Godshuizen